Inloggen
Inloggen op Cultuurlokaal.nl


Nieuwsbrief
Opgeven voor de Cultuurlokaal.nl nieuwsbrief



Items voor agenda of nieuws zenden naar info@cultuurlokaal.nl

De treinramp bij Harmelen

publicatiedatum: za 19 december 2020

Bijna 58 jaar geleden, op 8 januari 1962, voltrok zich bij Harmelen de grootste treinramp uit onze geschiedenis. Lange tijd leefde deze ramp alleen bij mensen die het, van dichterbij, meemaakte of bij hen ,die mensen kenden, die er toen bij betrokken waren. Pas na 50 jaar in 2012, werd er, een monument voor de treinramp, met o.a, namen van de ruim 90 dodelijke slachtoffers, onthuld. Hoe zat het ook weer?

 

Bart van der Sprong deed onderzoek:

"De treinramp bij Harmelen enkel de generatie die de ramp bewust meekreeg via de contemporaine media nog weet heeft van het incident".

 

 

"Of de treinramp bij Harmelen met behulp van het monument daadwerkelijk terugkeert in de canon van het nationaal collectief geheugen van Nederland moet de toekomst uitwijzen". (meer over het onderzoek)

 

 

Treinen botsen bij Harmelen
In de ochtend van 8 januari 1962 is het mistig rond Harmelen. Om negentien minuten over negen wordt de stilte verstoord door een huiveringwekkende klap en een enorm gekraak. Precies op de plaats waar de spoorlijn naar Breukelen aftakt van de verbinding Woerden – Utrecht knallen twee treinen op elkaar. Het is de grootste treinramp uit de Nederlandse geschiedenis. Er vallen 91 doden en 54 vaak ernstig gewonden van wie er twee later overlijden.

Bovenstaande tekst is van de lokale site Verhaal van Woerden. waar een beknopte geschiedenis van de ramp in is opgenomen

 

'Heeft u nog naar uw oor gezocht?'

Historisch Nieuwsblad (deel) Verhaal door: Martine Postma

 

De treinramp bij Harmelen.

Op 8 januari 1962 voltrok zich bij Harmelen de grootste treinramp uit de Nederlandse geschiedenis. De sneltrein uit Groningen en Leeuwarden knalde om 9.19 uur op een stoptrein naar Amsterdam. Er vielen 93 doden en 52 gewonden. Een van die gewonden was de toen 28-jarige Coos Haak uit Zuidlaren.

 

‘Ik moest die dag naar Delft, voor een cursus  low cost automation; ik was technicus bij melkbussenfabrikant Van Wijk & Boersma.

Het was hartstikke mistig die ochtend, je zag geen hand voor ogen.

 

Met onze overbuurman, die naar Utrecht moest, had ik overlegd: “Joop, wat doen we? Gaan we met de auto of nemen we de trein?” We kozen voor de trein, want die was “veilig, vlug en voordelig”.
       
Na Utrecht reisde ik alleen verder. Opeens voelde ik dat de trein heel hard remde.

O god, dacht ik, en van schrik deed ik mijn ogen dicht.

Toen ik ze weer opendeed, lagen er mensen op mij en lag ik op mensen.

Ik zag losse ledematen, een los hoofd, een vrouw met de borst helemaal open.

Ik realiseerde me niet dat al die mensen dood waren.

 

Ik dacht alleen: ik moet hieruit.

 

lees het Volledige verhaal bij de bron.